Haagplanten met blote wortels

haagplanten met blote wortel

 Voorbereiding voor het planten van heesters en coniferen met blote wortels

  1. Verwijder al het onkruid in de buurt van uw nieuwe haag. De onkruidvrije strook moet minimaal 100 cm breed zijn (50 cm aan elke kant van de planten haag).
  2. Graaf een sleuf op de plaats waar de haag moet komen van minstens 30 cm diep en 25 cm breed. U moet de sleuf in ieder geval 5-10 cm dieper maken dan dat u de planten in de grond zet. Het is belangrijk om de sleuf diep genoeg te maken, omdat de plant in losse ondergrond gemakkelijker nieuwe wortels maakt en beter aangroeit.
  3. Zorg voor voldoende drainage door gaten te prikken in de bodem en aan de zijkanten van de sleuf. 

planten met blote wortel

Het planten

  1. Haal de planten voorzichtig uit hun verpakking en verwijder alle touwtjes, labels, etcetera en sproei ze voorzichtig nat.
  2. Leg de planten naast de plantsleuf met de wortels richting de sleuf, zodat u zeker weet dat u genoeg planten heeft voor de hele haaglengte. Het is verstandig een paar planten achter te houden voor het geval er enkele planten uitvallen. Een uitvalpercentage tot 10% is normaal bij blote wortel planten. De planten die u achterhoudt kunt u op een andere plaats planten, bijvoorbeeld in een hoek van de tuin. Op deze manier groeien ze mee met uw haag en heeft u dus altijd planten van dezelfde grootte om eventueel uitgevallen planten te vervangen.
  3. Houd de plant in het midden van de sleuf en vul de sleuf met aarde (dit is gemakkelijker met twee personen). Let erop dat de plant op de goede diepte staat. Dit ziet u aan de stam van de planten: op de wortels en aan de onderkant van de stam ziet u sporen van grond. De plant moet in de grond staan tot aan de plaats waar op de stam grond zit.
  4. Voeg eventueel wortel groei middel toe door deze door de grond te mengen die u heeft uitgegraven, om de kans op een hoog uitvalpercentrage te verkleinen.
  5. Wanneer de grond erg zwaar is (bijvoorbeeld bij leem- en kleigronden) is het verstandig wat zand door de grond te mengen die u teruggooit in de plantsleuf, zodat de wortels van de plant beter kunnen aangroeien.
  6. Druk de teruggeschepte grond aan door er even overheen te lopen (niet erg hard aanstampen!)
  7. Wanneer u in een winderig gebied woont, is het verstandig om bij iedere plant een bamboestokje te zetten, zodat uw nieuwe haag netjes recht groeit. Maak de plant op 2 tot 4 plekken vast aan de stok. Zorg ervoor dat het materiaal dat u hiervoor gebruikt flexibel is, zodat de plant niet afgekneld wordt wanneer hij groeit en de stam dikker wordt.
  8. Maak een dijkje (15-20 cm hoog) rond de planten en vul dit daarbinnen, onder de aanplant, met water (ongeveer 5 liter voor kleine planten en 10 liter voor grote).

Wanneer kunt u beter niet planten?

  1. Tijdens erg droog weer (kans op verdroging)
  2. Na zeer zware regenval (hierdoor wordt de grond te compact, zodat planten moeite hebben met het vormen van nieuwe wortels)
  3. Tijdens harde wind (kans op uitdroging van de planten).
  4. Wanneer het vriest (kans op vorstschade, waardoor geen enkele plant zal overleven)

Regelmatig en veel water geven

Verzorging 

  1. Houd de nieuwe haag en de omgeving onkruidvrij voor de eerste 2-3 jaar (50 cm aan iedere kant van de haag), zodat uw nieuwe haag genoeg ruimte, licht, water en voedsel kan opnemen om goed te groeien.
  2. Geef voldoende water: twee maal per week tot 5 liter per meter haag in een droge tijd en wat minder wanneer het regenachtig weer is. Dit is erg belangrijk: Zonder water overleeft geen enkele plant!
  3. Geef altijd ’s avonds water: zo voorkomt u dat veel water verdampt voordat het opgenomen kan worden door de wortels van de planten.
  4. Zorg ervoor dat u de planten elk jaar vaak genoeg en op de juiste wijze snoeit. Normaal gesproken is één tot twee maal per jaar knippen; snoeien of scheren voldoende. Wanneer afwijkende snoeirichtlijnen gelden, vindt u hierover informatie bij de plantsoort op deze website.

Naar de catalogus.